Actueel
Op kamers na de zomer? Deze geldzaken regel je liever nu al
Ga je na de zomer op kamers? Dan denk je misschien vooral aan je nieuwe kamer, meubels, huisgenoten en vrijheid. Logisch. Op jezelf wonen voelt als een grote stap. Je bepaalt zelf wat je eet, hoe laat je thuiskomt en hoe je je kamer inricht.
Maar er komt ook iets anders bij kijken: geld.
Huur, boodschappen, verzekeringen, studie, reizen, wasmiddel, internet, meubels. Het lijkt misschien allemaal wel mee te vallen, totdat je alles bij elkaar optelt. Daarom is het slim om vóór de verhuizing alvast naar je geldzaken te kijken. Niet omdat alles perfect moet. Wel omdat je later minder stress wilt.
Weet wat je kamer echt kost
De huur is vaak het eerste bedrag waar je naar kijkt. Maar een kamer kost meestal meer dan alleen huur. Soms betaal je ook voor gas, water, licht, internet of gemeentelijke belastingen. Vraag daarom altijd goed na wat er wel en niet bij de huurprijs hoort.
Let bijvoorbeeld op:
- is de huur inclusief of exclusief energie?
- betaal je apart voor internet?
- moet je borg betalen?
- zijn er kosten voor meubels of overname van spullen?
deel je kosten met huisgenoten?
Borg is geld dat je vooraf betaalt aan de verhuurder. Zie het als een soort zekerheid. Als je de kamer netjes achterlaat en je geen huurachterstand hebt, krijg je de borg meestal terug. Toch moet je dit bedrag wel eerst hebben. Dat maakt de eerste maand vaak extra duur.
Maak een budget voordat je verhuist
Een budget klinkt misschien saai. Toch geeft het juist vrijheid. Je weet dan hoeveel geld je elke maand hebt en hoeveel je uitgeeft. Daardoor zie je sneller of een kamer echt betaalbaar is. Zet eerst je inkomsten op een rij. Denk aan salaris, studiefinanciering, een bijdrage van je ouders, toeslagen of spaargeld. Daarna kijk je naar je vaste kosten. Dat zijn kosten die elke maand terugkomen, zoals huur, boodschappen, je telefoonabonnement, zorgverzekering, vervoer en abonnementen.
Vergeet ook de kosten niet die minder vast voelen, maar wel steeds terugkomen. Denk aan studieboeken, schoolkosten, kleding, sport en uitgaan. Ook kleine bedragen tellen mee. Een koffie onderweg, een broodje op school of een snelle maaltijd laten bezorgen lijkt weinig. Maar als je dat vaak doet, loopt het snel op. Door alles op te schrijven, zie je eerder waar je geld naartoe gaat en waar je makkelijk iets kunt besparen.
Check of je recht hebt op toeslagen
Als je 18 bent, heb je misschien recht op toeslagen. Een toeslag is geld van de overheid om te helpen met bepaalde kosten. Bijvoorbeeld voor je zorgverzekering of huur.
Zorgtoeslag is een bijdrage voor je zorgverzekering. Huurtoeslag is een bijdrage voor je huurkosten. Of je hier recht op hebt, hangt af van jouw situatie, inkomen en woning. Op kamers wonen betekent niet automatisch dat je huurtoeslag krijgt. Soms kan het wel. Maak daarom altijd een proefberekening via de officiële website van Dienst Toeslagen. Dienst Toeslagen geeft aan dat jongeren vanaf 18 jaar misschien toeslag krijgen voor zorg of huur, afhankelijk van hun situatie.
Ben je bijna 18? Regel dan op tijd je zorgverzekering. Volgens de Belastingdienst regel je die vóór je 18e verjaardag. Daarna vraag je eventueel zorgtoeslag aan.
Regel je studiefinanciering en studentenreisproduct
Ga je studeren? Kijk dan op tijd wat je via DUO moet regelen. Studiefinanciering bestaat uit verschillende onderdelen, zoals de basisbeurs, aanvullende beurs, studentenreisproduct, lening en soms collegegeldkrediet. DUO raadt aan om de aanvullende beurs altijd aan te vragen. Je merkt dan vanzelf of je er recht op hebt.
Het studentenreisproduct hoort ook bij studiefinanciering. Daarmee reis je met het openbaar vervoer, bijvoorbeeld doordeweeks of juist in het weekend. Je kiest zelf welk abonnement beter past bij jouw situatie.
Wacht hier niet mee tot de eerste schoolweek. Dan heb je al genoeg aan je hoofd.
Denk aan de eerste grote kosten
Op kamers gaan betekent vaak dat je in één keer veel spullen nodig hebt. Een bed, bureau, stoel, lamp, pannen, borden, handdoeken, schoonmaakspullen en misschien een fiets. Je hoeft echt niet alles nieuw te kopen.
Kijk eerst wat je al hebt. Vraag daarna rond bij familie, vrienden of buren. Tweedehands spullen zijn vaak prima. Soms krijg je zelfs gratis meubels als iemand gaat verhuizen.
Maak voor jezelf drie lijstjes:
Dit heb ik meteen nodig
Bijvoorbeeld een matras, dekbed, handdoeken, oplader, pannen en basisboodschappen.
Dit kan later
Bijvoorbeeld decoratie, extra kastjes, planten of een mooie bureaulamp.
Dit koop ik tweedehands
Bijvoorbeeld een bureau, stoel, servies, kast of fiets. Zo voorkom je dat je in de eerste week al te veel geld uitgeeft.
Boodschappen zijn duurder dan je denkt
Thuis merk je vaak niet precies wat eten kost. Op kamers merk je dat wel. Ontbijt, lunch, avondeten, tussendoortjes, drinken, kruiden, olie, wc-papier en schoonmaakmiddel: het hoort er allemaal bij.
Je bespaart veel door een paar simpele gewoontes:
- maak een boodschappenlijstje;
- kook voor twee dagen;
- koop huismerken;
- kijk naar de kiloprijs;
- eet samen met huisgenoten;
- neem lunch mee naar school of werk;
- gooi restjes niet weg.
Je hoeft niet ineens perfect met geld te zijn. Begin klein. Eén keer minder eten bestellen per week scheelt al veel.
Pas op met achteraf betalen
Een kamer inrichten kost geld. Je hebt misschien een bed, bureau, pannen, handdoeken en schoonmaakspullen nodig. Daar komen vaak nog andere kosten bij, zoals nieuwe sneakers, een laptop, spullen voor je studie of een festivalkaartje. Achteraf betalen lijkt dan makkelijk. Je krijgt meteen wat je nodig hebt en betaalt pas later. Dat voelt handig, maar daardoor lijkt het soms alsof je meer geld hebt dan er echt beschikbaar is.
Maar later komt sneller dan je denkt. Als er meerdere betalingen tegelijk komen, raak je snel het overzicht kwijt. Dan moet je misschien ineens kiezen tussen boodschappen doen, huur betalen of een openstaande rekening aflossen. Betaal daarom liever meteen als dat lukt. Dan weet je precies hoeveel geld je nog hebt. Lukt dat niet? Vraag jezelf dan af of je het echt nu nodig hebt, of dat het nog even kan wachten. Zo houd je meer rust in je hoofd en voorkom je geldstress.
Maak een noodpotje, ook al is het klein
Een noodpotje is geld dat je apart zet voor onverwachte kosten. Bijvoorbeeld als je fiets kapot gaat, je laptop ermee stopt of je ineens extra boeken moet kopen.
Je hoeft niet meteen honderden euro’s te sparen. Begin met een klein bedrag. Bijvoorbeeld 5 of 10 euro per week. Zet het op een aparte spaarrekening als dat lukt. Dan geef je het minder snel uit.
Een noodpotje geeft rust. Het zorgt ervoor dat je niet meteen hoeft te lenen als er iets misgaat.
Krijg je geldstress? Vraag op tijd hulp
Iedereen kan het overzicht kwijtraken. Zeker als je net op jezelf woont en ineens veel zelf moet regelen. Misschien komt er minder geld binnen dan je dacht, zijn je kosten hoger dan verwacht of durf je een rekening niet te openen omdat je bang bent voor het bedrag. Wacht dan niet tot het groter wordt. Hoe eerder je hulp vraagt, hoe makkelijker het vaak is om weer overzicht te krijgen.
Ook als je jong bent, sta je er niet alleen voor. Beter met geld Moerdijk laat zien welke organisaties in de gemeente Moerdijk kunnen helpen met geldzaken en hoe je contact met ze opneemt. Je hoeft dus niet eerst grote schulden te hebben om hulp te vragen. Geldproblemen bij jongeren ontstaan vaak door abonnementen, achteraf betalen, hoge woonkosten of te weinig overzicht. Juist daarom is het slim om op tijd iemand mee te laten kijken.
Klaar voor je eigen plek?
Op kamers gaan is spannend en leuk. Je krijgt meer vrijheid, maar ook meer verantwoordelijkheid. Door nu al je geldzaken te regelen, begin je straks rustiger aan je nieuwe stap.
Check je huur. Maak een budget. Regel je toeslagen. Kijk naar DUO. Koop niet alles nieuw. En vraag hulp als je merkt dat geld stress geeft.
Ga jij na de zomer op kamers en wil je weten waar je moet beginnen? Kijk op [interne link: jongeren en geld] of neem contact op via contact. Je hoeft het niet alleen uit te zoeken.